Afdrukken


Bijbel FAQ & VLA

Wordt er in Job 40 een dinosauriër beschreven?

In Job 40 lezen we de volgende beschrijving:

Job 40:10-19
10 Zie toch [behemoth], dat Ik heb gemaakt, evenals u.
Het eet gras zoals het rund.
11 Zie toch de kracht in zijn lendenen,
de sterkte in zijn buikspieren!
12 Hij spant zijn staart als een ceder,
de spieren zijner dijen zijn samengestrengeld.
13 Zijn beenderen zijn buizen van koper,
zijn knoken gelijk staven van ijzer.
14 Hij is de eerste van Gods werken,
het schepsel, waaraan Hij zijn zwaard gaf;
15 ja, de bergen leveren hem hun opbrengst,
waar alle dieren des velds spelen.
16 Onder de lotus legt hij zich neder,
in de schuilplaats van riet en moeras.
17 Lotusplanten beschutten hem met haar schaduw,
de wilgen der beek omgeven hem.
18 Zie, al is de stroom nog zo sterk, hij deinst niet terug;
hij voelt zich gerust, al bruist een Jordaan tegen zijn muil.
19 Durft men hem van voren vastgrijpen,
een strik door zijn neus halen?

Het dier dat hier beschreven wordt moet zeer groot en indrukwekkend zijn geweest. In de Hebreeuwse grondtekst wordt het ‘behemoth’ genoemd, maar het is niet bekend om welk dier het gaat. De meeste moderne Bijbelvertalingen vertalen ‘behemoth’ met ‘nijlpaard’ (zo ook de NBG ’51, waar de bovenstaande tekst vandaan komt), maar dat is puur een gok. Veel christenen vermoeden dat het hier om een uitgestorven dier gaat, waarschijnlijk een dinosauriër, omdat dit past bij de beschrijving.

Anderen zijn het er niet mee eens dat behemoth een dinosauriër zou kunnen zijn geweest. Maar de reden dat men het daar niet mee eens is, is niet dat de beschrijving in Job daar niet bij zou passen, maar dat het niet klopt met het idee dat dinosauriërs al miljoenen jaren geleden zijn uitgestorven. Binnen een ‘miljoenen jaren’-model kan behemoth geen dinosauriër zijn. Binnen het scheppingsmodel, daarentegen, hebben dinosauriërs voor en vlak na de zondvloed tegelijkertijd met mensen geleefd, en is dat dus wel mogelijk.

Als we ons ontdoen van het ‘miljoenen jaren’-idee kunnen we de kwestie zonder vooringenomenheid bekijken. Laten we het hele gedeelte nog eens doornemen en kijken welk dier het beste aan de beschrijving voldoet. Op basis van de volledige beschrijving kunnen we al opmaken dat het om een ontzagwekkend dier gaat. Ik zal me hieronder dus beperken tot de grote landdieren (olifant, nijlpaard, neushoorn, zeeleeuw, buffel, eland, beer, leeuw, tijger, krokodil, komodovaraan, één van de dinosauriërsoorten) en door eliminatie proberen in te zoomen op de meest waarschijnlijke optie.

10 Zie toch [behemoth], dat Ik heb gemaakt, evenals u.
Het eet gras zoals het rund.

Dit vers sluit alle carnivoren uit (het hapje gras dat katachtigen af en toe nemen is zeker niet waardig te worden vergeleken met de eetgewoonten van het rund, dat alleen maar gras eet). Dit sluit waarschijnlijk ook de buffel uit, aangezien die allicht gewoon gezien zou worden als een rund.

11 Zie toch de kracht in zijn lendenen,
de sterkte in zijn buikspieren!

Dit lijkt niet echt te passen bij een beer. Maar de hoofdkandidaten blijven nog staan (olifant, nijlpaard, neushoorn, dinosauriër).

12 Hij spant zijn staart als een ceder,
de spieren zijner dijen zijn samengestrengeld.

Dit is natuurlijk het meest grafische vers dat pleit voor een dinosauriërsoort. De omschrijving van de staart is zéker niet in overeenstemming met die van een nijlpaard, neushoorn of olifant.

Zie hier en hier als je wilt weten waar de staart van de nijlpaard goed voor is. De keuze van de vertalers om behemoth een nijlpaard te noemen is tamelijk absurd.

Bepaalde dinosauriërsoorten passen juist heel goed bij deze beschrijving. Bijvoorbeeld een stegosaurus of een Diplodocidae.

13 Zijn beenderen zijn buizen van koper,
zijn knoken gelijk staven van ijzer.

De pootjes van het nijlpaard zijn eigenlijk niet zo indrukwekkend. Eigenlijk is het verbazingwekkend dat zo’n zwaar dier zich op zulke schriele beentjes kan voortbewegen. Nijlpaarden spenderen dan ook veel tijd in het water, waar hun lichaam deels door het water gedragen wordt.

14 Hij is de eerste van Gods werken,
het schepsel, waaraan Hij zijn zwaard gaf;

Dit is een heel belangrijk vers van de beschrijving. ‘Hij is een hoofdstuk der wegen Gods’. De NBG ’51 zegt: ‘Hij is de eerste van Gods werken’. De NBV: ‘Hij is een van Gods eerste meesterwerken’. Het woordje ‘eerste’ heeft hier geen chronologische betekenis, maar geeft aan dat behemoth één van Gods voornaamste schepsels was.

Als christenen kunnen we het er over eens zijn dat alle dieren die ooit geleefd hebben Gods schepsels zijn (inclusief dinosauriërs). Welk dier zou, van alle landdieren die ooit bestaan hebben, het meest aanspraak maken op de titel ‘de eerste van Gods werken’?

15 ja, de bergen leveren hem hun opbrengst,
waar alle dieren des velds spelen.

Indien we hieruit kunnen opmaken dat behemoth zich ook in de heuvels of bergen begaf (de NBV vertaalt het op die manier), past dat niet bij het nijlpaard, dat zich tot de vlakten beperkt. Dat geldt ook voor olifanten en neushoorns. Over dinosauriërs hebben we deze informatie natuurlijk niet.

16 Onder de lotus legt hij zich neder,
in de schuilplaats van riet en moeras.
17 Lotusplanten beschutten hem met haar schaduw,
de wilgen der beek omgeven hem.
18 Zie, al is de stroom nog zo sterk, hij deinst niet terug;
hij voelt zich gerust, al bruist een Jordaan tegen zijn muil.
19 Durft men hem van voren vastgrijpen,
een strik door zijn neus halen?

Deze verzen bieden niet direct uitsluitsel, en zouden zowel een nijlpaard als een Diplodocidae of een stegosaurus kunnen betreffen. Wel is duidelijk dat het een dier betreft dat zowel het water als het land aandoet.

Kortom: sommige elementen lijken redelijk overeen te komen met een nijlpaard, maar in mijn opinie is dat niet verenigbaar met vooral verzen 12 en 14. Onder de dinosauriërs zijn er verschillende groepen die aan de beschrijving zouden voldoen.

Merk op dat het goed met het traditionele schepping/zondvloedmodel overeenkomt dat uitgerekend het boek Job, samen met Genesis het oudste boek van de Bijbel, spreekt over een potentiële dinosauriër. Jobs hoge leeftijd (hij leefde na al die gebeurtenissen nog 140 jaar, zie Job 42:16) plaatst hem waarschijnlijk in de tijd tussen Noach en Abraham, toen leeftijden van honderden jaren gehaald werden. Volgens het schepping/zondvloedmodel floreerde dinosauriërs vóór de zondvloed, en zijn ze gedurende de eeuwen na de zondvloed uitgestorven. Job leefde binnen enkele eeuwen na de zondvloed, en kan dus nog dinosauriërs gezien hebben. Binnen het traditionele, Bijbelgetrouwe scheppingsmodel is er dus geen enkele reden waarom behemoth geen dinosauriër zou kunnen zijn.

Bijbel FAQ & VLA - Index

 
Evolutie.EU, Powered by Joomla!; Joomla templates by SG web hosting