Afdrukken


Biologie FAQ & VLA

Aangezien natuurlijke selectie werkzaam is, en positieve mutaties soms voorkomen, moet opwaartse evolutie wel plaatsvinden!

Elders hebben we al gezien dat het plaatsvinden van natuurlijke selectie prima past binnen het scheppingsmodel. Ook dat er zo nu en dan positieve mutaties plaatsvinden (zij het véél minder vaak dan neutrale en negatieve mutaties) valt niet te ontkennen. En soms worden deze voordeelopleverende mutaties dankzij natuurlijke selectie gefixeerd in een populatie. Gegeven dat zowel natuurlijke selectie als positieve mutaties optreden, leidt het samenspel van deze twee mechanismen dan niet gegarandeerd tot opwaartse evolutie?

Wel, tegen deze stelling zijn vier grote bezwaren in te brengen:

  1. Mutaties zijn voordelig wanneer ze het organisme een hogere fitness opleveren. Maar fitnessverhogende mutaties zijn nog niet perse mutaties die nieuwe genetische informatie genereren. (En, voor wie het inmiddels nog niet gehoord had, de evolutie van een oerbacterie naar alle hedendaagse levensvormen vereist een gigantische toename aan genetische informatie.) Veel voordeelopleverende mutaties vernietigen juist genetische informatie! Dit klinkt vreemd en tegenstrijdig, maar dit is toch het geval. Soms komen organismen in omstandigheden terecht waar ze een bepaalde eigenschap of functie niet meer nodig hebben. Wanneer die functie dan door mutaties wordt uitgeschakeld levert dat een voordeel op, want de mutant hoeft geen energie meer te verspillen aan het ontwikkelen van de betreffende eigenschap. Zulke mutaties kunnen door selectie in de populatie gefixeerd worden. Maar je begrijpt dat het samenspel tussen dit type voordelige mutaties en natuurlijke selectie niet leidt tot opwaartse evolutie. Sterker nog, als informatievernietigende voordelige mutaties vaker voorkomen dan informatiegenererende voordelige mutaties (en alles wijst erop dat dit zo is), dan garandeert het plaatsvinden van natuurlijke selectie dat bacterie-naar-mens-evolutie nooit mogelijk zal zijn.
  2. Het is onduidelijk of dit proces (positieve mutatie + natuurlijke selectie = opwaartse evolutie) snel genoeg kan verlopen om de evolutie van voornamelijk zoogdieren binnen de beschikbare tijd te volbrengen, ook al zou het miljoenen jaren geduurd hebben. Zelfs als we er vanuit gaan dat er aan de lopende band positieve mutaties plaatsvinden, is het nog niet gezegd dat natuurlijk selectie deze mutaties snel genoeg kan fixeren binnen de populatie. Een mutatie begint bij één individu, en de snelheid waarmee de nieuwe eigenschap zich binnen de populatie kan verspreiden wordt gelimiteerd door de reproductiesnelheid van de mutanten. Dit is vooral een probleem bij langzaam voortplantende groepen, zoals Hominidae. Mathematische analyses wijzen erop dat het onder gemiddelde omstandigheden minstens 300 generaties duurt om één positieve mutatie te fixeren. Met een generatietijd van 20 jaar zijn dat slechts 1.667 mutaties in 10 miljoen jaar, véél te weinig om de menselijke evolutie te verklaren. Het is vooralsnog niet duidelijk of de aannames die aan deze analyse ten grondslag liggen wel altijd van toepassing zijn, maar dit geeft wel aan dat het plaatsvinden van positieve mutaties en selectie an sich nog niet garanderen dat bacterie-naar-mens-evolutie mogelijk is.
  3. Al zouden er zo nu en dan voordelige mutaties gefixeerd worden, wil dat nog niet zeggen dat deze kleine, positieve vector in staat is op te roeien tegen de waterval van negatieve mutaties die populaties geleidelijk doch onherroepelijk aan lager wal brengt. De paar positieve mutaties die af en toe plaatsvinden worden volledig overstemd door de enorme hoeveelheid mutaties die een fitnessverlagend effect hebben. En natuurlijke selectie is niet in staat al die negatieve mutaties weg te selecteren. Op deze manier is opwaartse evolutie wederom niet alleen onzeker, maar zelfs onmogelijk.
  4. Er zijn biologische systemen / moleculaire cascades waarvan de oorsprong niet verklaard kan worden door een stapsgewijs proces, omdat meerdere onderdelen noodzakelijk zijn voor de functie. Die onderdelen kunnen niet gradueel, één voor één ontstaan zijn, omdat het systeem pas werkt als al de essentiële onderdelen aanwezig zijn. En natuurlijke selectie kan pas iets selecteren als het functioneel is. Dit soort systemen noemt men ‘onherleidbaar complex’. Bekende voorbeelden zijn de flagel (zweepstaart, het voortbewegingsapparaat) van de bacterie en het bloedstollingsysteem. Betere voorbeelden zijn echter apoptosis (geprogrammeerde celdood) en de geslachtelijke voortplanting. De formule ‘mutatie + selectie’ is machteloos om het ontstaan van dit soort systemen te verklaren.

Kortom, de bewering dat ‘voordelige mutaties + natuurlijke selectie’ gegarandeerd leidt tot opwaartse evolutie is niet alleen onjuist, we kunnen zelfs het tegenovergestelde concluderen: om de bovenstaande redenen heeft opwaartse evolutie gegarandeerd niet kunnen plaatsvinden.

Biologie FAQ & VLA - Index

 
Evolutie.EU, Powered by Joomla!; Joomla templates by SG web hosting